Ontspullen voor tiny house Sarlat

Ieder jaar transformeren we in juni ons woonhuis tot de vrijstaande gîte. We verhuizen dan naar onze zomer-residentie van vier houten tuinhuisjes (drie keer een slaapkamer, één keer een keuken/badkamer) rond een overdekt terras. In het hoofdgebouw hebben we bovendien een kantoor/speelkamer, waar o.a. de printer en de lego staan. Het valt qua vierkante meters vast niet onder de definitie van een ‘tiny house’. Het is wel een heel stuk kleiner dan ons woonhuis, dat behoorlijk vol met spullen staat. En dit jaar is het proces extra uitdagend…

We verdelen in juni onze spullen in vier categorieën: ‘naar de huisjes’, ‘naar het kantoor’, ‘opslaan in de schuur voor september’ en ‘mag weg’. Gewoonlijk zit er geen limiet aan het aantal ‘september’-dozen. In september sjouwen we dozen vol vazen, puzzels, spellen, origami-papier, een postzegelverzameling, schmink, strips, recepten, oude schoolspullen, éénparige sokken en decoratieve prullaria weer vrolijk terug naar binnen.

Tiny House

 

Dit jaar is echter anders: omdat we na dit zomerseizoen gaan overwinteren in onze gîtes in Sarlat zonder opslag-schuur, zolder noch garage, is ‘ontspullen’ deze keer geen luxe, maar noodzaak! Iedere kamer heeft één, maximaal 2 ruime kasten… voor een vakantie-woning. We gaan in Sarlat overwinteren omdat de kinderen (dan 12 en 9,5) daar hun middelbare school, hobby’s en steeds meer vrienden hebben. Bovendien is het stadje met bioscoop, winkels en festivals ’s winters vele malen levendiger dan het dorpje Jayac. De geschakelde gîtes hebben in totaal 3 slaapkamers, 2 woonkamers met een open keuken, rondom een tuin met 2 terrassen èn we hebben ze helemaal naar onze smaak gerenoveerd en ingericht. Trots op en blij mee! Al leveren we dus in op buiten- en vooral opslagruimte.

Excellent Sarlat

 

Ontspullen is een trend die ik al lange tijd volg. Als hobby scheur ik teksten en afbeeldingen uit tijdschriften, wanneer die me raken. Het artikel of interview kan echt over van alles gaan; als een alinea of plaatje me raakt en/of aan het denken zet, dan plak ik het scrapbook-stijl (knipsels over een zelfde onderwerp bij elkaar) in een afgedankt boek. Heerlijk om doorheen te bladeren en inspiratie uit op te doen. In dit geval over ontspullen:

 

Houd enkel de spullen waar je blij van wordt en doe alles weg dat je 2 jaar niet gebruikt hebt staat behoorlijk haaks op de “Wie wat bewaart, die heeft wat” en “Goeie spullen, komen altijd wel ergens van pas” die ik van mijn ouders heb meegekregen. Nu ik onze overvolle opslagruimtes zie, vraag ik me wel af wat de definitie is van Goeie spullen en of je iets HEBT, wanneer je het niet terug kunt vinden..

Behandel alle gekregen cadeaus als bosjes bloemen: bedank de ander hartelijk voor het gebaar en zoals je uitgebloeide bloemen na 2 weken wegdoet, bekijk je bij ieder cadeau na 2 weken of je het (niet beter) kunt doorgeven/ wegdoen. Door zo’n alinea realiseer ik me dat ‘schuldgevoel’ een spelbreker kan zijn bij ‘ontspullen’. Onze opslag staat vol met ‘krijgertjes’. Maar ik kan dus dankbaar zijn voor de goede intentie waarmee ze naar Frankrijk zijn meegenomen, zonder ze te bewaren?

Koppel de spullen los van de herinnering die ze oproepen. Heb je minder mooie herinneringen aan jouw trouwdag of aan jouw oma, wanneer je je trouwjurk of haar eierdopjes weggeeft? Je kunt er eventueel een foto van maken. Foto’s maken van lampen, gordijnen en houten beelden voor we een doos dichtplakken en nummeren, dat deden we al. Scheelt in theorie een heleboel zoekwerk ‘als we een nieuwe gîte gaan inrichten’. De gefotografeerde doos vervolgens naar een kringloop brengen is een bizar idee, maar vergroot eerlijk gezegd de kans op een tweede leven voor zo’n lamp of beeld aanzienlijk!

Kom in de flow van het ontspullen, door een opruimchallenge. Twee zomers terug deed ik samen met een paar vriendinnen op 1 augustus 1 voorwerp weg, op 2 augustus 2, op 3 augustus 3 en op 31 augustus, jawel, 31 spullen weg. Dat zijn er bij elkaar opgeteld 496! Met foto’s op de app motiveerden we elkaar. Wegdoen kon weggooien zijn (stuk, versleten) maar vaker wegbrengen (oude medicijnen, meubels, kleding) of weggeven (speelgoed, luistercd’s, kantoorartikelen). Met iedere dag een ander thema. Ik hou wel van een spel- element…

Een ander knipsel gaat over een NPO documentaire van een vrouw die alle spullen in haar huis geteld heeft. Hoeveel balpennen, elastiekjes, borden, sokken, opladers, etc. ze heeft. Bijna 16.000 spullen in totaal. Waarna zij zich afvraagt hoeveel je er nu eigenlijk van nodig hebt. Als je aan 2 scharen voldoende hebt, dan kunnen de andere scharen weg… Ook zo’n artikel helpt mij om met een andere mindset aan het ontspullen-voor-Sarlat te beginnen.

Ik ben er echt even voor gaan zitten. Mijn uitgangspunten bij het ontspullen-voor-Sarlat zijn:

  1. Terug naar de basis. Aangezien we per persoon slechts twee koffers met kleding, één doos met knutsel- /schrijfwaren, één toilettas, etc. mee kunnen nemen naar Sarlat, moeten we keuzes maken. Kwaliteit boven kwantiteit. Wat heeft ieder van ons in de basis nodig? Ik ga verhuizen en ik neem mee: 8 handdoeken, 3 theedoeken, voor ieder 2 leesboeken, 1 schrijfblok, 1 nietmachine, 1 EHBO trommeltje,  …
  2. In Jayac benoem ik 4 ‘kasten’ (in de praktijk bijvoorbeeld een muisvrije houten kist) als 1. Familie bibliotheek; 2. Speleotheek; 3. Kantoorboekhandel/ Action (schrijf-/knutselwaren) en 4. Kledingopslag. We gaan items uit de basis (pas) aanvullen of ruilen als we ergens op mis pakken.
  3. Er is ook een muisvrije kist ‘voor later’: fotoboeken, rapporten, eerste knuffel, etc. Groot, maar niet oneindig groot…
  4. Wat niet naar alle waarschijnlijkheid binnen 3 jaar op de Glamping of in een gîte gebruikt gaat worden en niet in een kast past (letterlijk of figuurlijk!): gaat naar de weg-is-weg-schuur. Geen opslag: exit! Richting rommelmarkt; kringloop of kennissen.

De uitgeknipte alinea’s helpen me kiezen of een boek (of spel, of kledingstuk) wel of niet een plaatsje in een kast of kist krijgt. Met als ham-vraag: word ik er blij van? Spullen die ik bewaar OMDAT ze een cadeau waren; ik ze al zo lang heb of vind dat ik ze zou moeten (her-)lezen/ gebruiken… Die gaan naar de kist ‘voor later’ of naar de weg-is-weg schuur.  Of het in de praktijk ook zo eenvoudig is? En of ik de kinderen mee in de flow krijg? Ik ga het merken. En laat het dan weer lezen.